Geschiedenis

De eerste lokale Rotary Serviceclub, zoals ze voluit heten, werd op 23 februari 1905 opgericht in Chicago, Verenigde Staten, door de advocaat Paul Harris.
De naam Rotary komt voort uit het principe dat alle functies tijdelijk (roterend) worden vervuld. Ook rouleerden aanvankelijk de wekelijkse bijeenkomsten over de kantoren van de deelnemers.

Er zijn momenteel lokale Rotary Clubs in 165 landen (meer dan 200 regionale gebieden) en wereldwijd tellen de clubs gezamenlijk 1,22 miljoen leden.

“De naam Rotary komt voort uit het principe dat alle functies
tijdelijk (roterend) worden vervuld”

Op 23 februari 1905 kwamen advocaat Paul Harris en drie vrienden (een kleermaker, een kolenhandelaar en een mijningenieur) samen in een klein bureau in Chicago. Hij maakte zich zorgen over de onverschilligheid in de samenleving en zocht betrokkenheid via deze bijeenkomsten. Het doel van deze eerste Rotaryclub: vriendschap en uitwisseling van beroepservaring onder zakenlui.

De nieuwe club verwierf snel bekendheid en spoedig traden ook andere zakenlieden toe. De naam Rotary werd gekozen tijdens een van de eerste vergaderingen; de leden kwamen om de beurt (‘roterend’) samen op elkaars werkplaats.

Al in 1908 werd een tweede club opgericht in San Francisco. Tot 1911 werden er zo 16 clubs opgericht. Tot op de dag van vandaag dragen alle Rotary Clubs deze naam met de plaats van vestiging er aan toegevoegd.

Toen Paul Harris in 1947 stierf waren er al 6.000 clubs over de hele wereld opgericht. Thans is dit na ruim 100 jaar uitgegroeid tot clubs in meer dan 200 landen of geografische gebieden met een totaal van 1,22 miljoen leden.

Paul Percy Harris (Racine (Wisconsin), 19 april 1868 – 27 januari 1947) was een Amerikaanse initiatiefnemer tot en één van de oprichters van Rotary International. Harris studeerde rechten aan de Universiteit van Iowa.

Na een aantal verschillende baantjes in de krantenwereld, als fruitboer, zakenman en acteur en ook gedurende meerdere jaren reizen van en naar onder andere Europa op schepen die vee vervoerden, vestigde hij zich in 1896 in Chicago als advocaat.

Daar leerde hij de steenkolenhandelaar Silvester Schiele, de mijnbouwingenieur Gustaph Loehr en de kleermakerspatroon Hiram Shorey kennen.

 

Gezamenlijk richtten zij op 23 februari 1905 de eerste Rotary Club op als bijeenkomst van ontmoeting en vriendschap.

In 1928 vroeg Paul Harris aan de Rotarians kritiek op de organisatie en zichzelf te onderzoeken en er van te leren.

Hij gaf aan ‘dat een Rotarian zich voortdurend afvraagt hoe hij mensen het beste helpt, binnen en buiten zijn beroep.

Hoe? Dit schrijft Rotary niet voor, het verschilt voor ieder land en voor ieder  Rotarian. Tegelijk is Rotary een leerzame en vernieuwende smeltkroes van verschillende geesten.’

Anton Verkade (directeur van de gelijknamige fabriek in Zaandam), Jan van Tyen (directeur van de Kamer van Koophandel), George Brusse (eigenaar van een in- en exportbedrijf) en Bert Snijders (directeur van de gemeentelijke telefoondienst) kwamen met elkaar in contact en begonnen in juli 1921 met wekelijkse lunches in het Polmanshuis (nu deel van hotel Krasnapolsky), elke dinsdag om 12:15 uur.

Het streefgetal van vijftien leden was al overschreden toen RC Amsterdam in november 1922 officieel werd geïnstalleerd.

Op 29 januari 1923 werd de club toegelaten tot Rotary International en het charter werd verleend op 10 maart van dat jaar door Fred. Warren Teele, ‘special commissioner’ voor Rotary International in Europa.